Tot 16 oktober is de Electra-kaart gratis -

Bestel hem nuBestel hem nu
For the pros

Elektrificatie wagenpark: het stappenplan voor 2026

28 aug 2026

NewsroomElektrificatie wagenpark: het stappenplan voor 2026

Elektrificatie van uw wagenpark: het stappenplan voor 2026

Wie vandaag een Belgisch wagenpark onder zijn hoede heeft, als wagenparkbeheerder of fleet manager, is de discussie over het principe voorbij. De vraag is niet meer of u elektrificeert, maar in welke volgorde, met welk budget en vooral: waar uw wagens straks laden. Dat laatste stuk komt in negen van de tien dossiers te laat aan bod, en net daar loopt een elektrificatieproject vast, of net vlot. Hieronder vindt u het stappenplan, de Belgische regels die in 2026 spelen, en de cijfers om uw kost per 100 kilometer correct te ramen.

Een waarschuwing vooraf: veel van wat u online over dit onderwerp leest, komt uit Nederland en gaat over bpm, MRB en zero-emissiezones. Niets daarvan is in België van toepassing. Alles in dit artikel is Belgisch, met vermelding van het gewest waar dat verschilt.

Wat betekent de elektrificatie van een wagenpark concreet?

De elektrificatie van een wagenpark is de geleidelijke vervanging van uw thermische voertuigen door emissievrije wagens, samen met de laadinfrastructuur en de interne regels die dat gebruik mogelijk maken.

Het is dus even goed een infrastructuur- en HR-project als een aankoopproject.

Belangrijk voor uw perimeter: de fiscale hervorming van 2026 heeft betrekking op personenauto's, auto's voor dubbel gebruik en minibussen. Echte lichte vrachtwagens vallen erbuiten en blijven 100% aftrekbaar, ook op diesel. Uw bestelwagenvloot volgt dus een andere fiscale kalender dan uw salariswagens, en dat verandert de volgorde van uw plan.

Waarom 2026 het kanteljaar is voor Belgische wagenparken

De fiscale klok: enkel zero-emissiewagens blijven aftrekbaar

Voor wagens met CO2-uitstoot die vanaf 1 januari 2026 worden aangekocht, geleased of gehuurd, is de aftrek in de vennootschapsbelasting herleid tot nul. Emissievrije wagens blijven aftrekbaar, maar volgens een degressieve kalender die aan het jaar van aanschaf hangt: 100% tot en met 31 december 2026, 95% in 2027, 90% in 2028, 82,5% in 2029, 75% in 2030 en 67,5% vanaf 2031.

Twee zaken bepalen uw planning. Het verkregen percentage blijft behouden voor de volledige gebruiksduur of de volledige looptijd van het contract: het is dus geen jaarlijks schuivend tarief. En het is de datum van de bestelbon of van het leasingcontract die telt, niet de leverdatum. Een wagen die u in december 2026 bestelt en die in 2028 geleverd wordt, blijft levenslang 100% aftrekbaar.

Voor een vloot die over drie jaar wordt vernieuwd, betekent dat concreet: elke bestelling die u dit jaar vervroegt, vergrendelt vijf procentpunten aftrek voor de hele looptijd van dat contract. De percentages en de toepassingsvoorwaarden staan in de circulaires van FOD Financiën over de fiscale vergroening van de mobiliteit.

De laadpaalverplichting op uw parking

Los van uw wagens gelden er sinds 1 januari 2025 verplichtingen voor de parkings van niet-residentiële gebouwen. Ze verschillen sterk per gewest, en dat is de meest gemaakte fout in dit dossier.

Gewest

Bestaand gebouw, meer dan 20 parkeerplaatsen

Brussel

10% van de plaatsen bij kantoorparkings, met een minimum van 2 laadpunten, vanaf 10 plaatsen

Wallonië

Minstens 1 laadpaal en aansluitinfrastructuur voor 1 plaats op 5

De regels voor nieuwbouw en ingrijpende renovatie liggen hoger, en ze verschillen opnieuw per gewest. In Vlaanderen ziet het VEKA toe op de naleving, met geldboetes van € 2.000 per ontbrekend laadpunt. Het volledige overzicht per gewest, met de drempels voor nieuwbouw, staat in ons dossier over de juiste laadoplossing voor uw wagenpark.

Nog twee zaken die u best kent. In Vlaanderen vervalt de verplichting bij ingrijpende renovatie als de laadgerelateerde werken meer dan 7% van de totale renovatiekost zouden bedragen, en Wallonië voorziet een vrijstelling voor gebouwen die eigendom zijn van en gebruikt worden door kmo's. Daarnaast wordt de herziene Europese EPBD-richtlijn nog omgezet: de Europese Commissie startte in juli 2026 een inbreukprocedure tegen alle lidstaten wegens onvolledige omzetting. De drempels kunnen dus nog wijzigen. Controleer de actuele stand bij uw gewestelijke energieadministratie vóór u een investeringsdossier goedkeurt.

Wat uw medewerkers ervan verwachten

Het derde blok is geen regelgeving maar retentie. Een elektrische bedrijfswagen kost uw medewerker doorgaans minder aan voordeel van alle aard dan een vergelijkbare thermische wagen, omdat het CO2-percentage terugvalt op het wettelijke minimum van 4%. Voor 2026 bedraagt het jaarlijkse minimum-VAA € 1.690, ongeveer € 141 per maand.

Maar hetzelfde gesprek levert u ook de eerste weerstand op, en die gaat nooit over de wagen, wel over laden. Wie thuis kan laden, is snel overtuigd. Wie in een appartement woont, stelt één vraag: en ik dan? Op die vraag hebt u het beste een antwoord vóór de eerste bestelling, niet erna.

En wat zijn de nadelen?

Ze bestaan, en ze verzwijgen helpt niemand. De aankoopprijs ligt hoger dan die van een gelijkwaardige thermische wagen, ook al keert de rekening om in TCO. De restwaarde is minder voorspelbaar dan die van een diesel, omdat de markt jong is en de technologie snel evolueert. De actieradius zakt in de winter, doorgaans met 15 tot 25% naargelang het model en het rijprofiel. En bestuurders zonder eigen oprit vragen een oplossing die u zelf moet organiseren.

Waarom dan toch elektrificeren? Omdat de fiscale rekening geen keuze meer laat voor nieuwe contracten, omdat de kost per kilometer lager ligt, en omdat u de energiepost zelf stuurt, wat bij brandstof nooit het geval was.

In 6 stappen naar een elektrisch wagenpark

Stap 1. Breng uw huidige vloot en rijprofielen in kaart

Begin niet bij de wagens maar bij de kilometers. Voor elk voertuig hebt u vier gegevens nodig: het jaarlijkse aantal kilometers, de gemiddelde dagafstand, de plaats waar de wagen 's nachts staat, en de einddatum van het contract. Die vier kolommen bepalen zowat alles wat volgt, en ze leveren meteen de KPI's waarop u het project later stuurt. U bouwt die inventaris op zonder telematicaproject: leasingcontracten, tankkaarten en de kilometerstanden van het laatste onderhoud volstaan om te starten.

Stap 2. Bepaal welke functies eerst overstappen

Geen big bang. In de meeste vloten veroorzaakt een klein deel van de voertuigen het grootste deel van de weerstand: de zware kilometervreters en de bestuurders zonder thuislaadmogelijkheid. Begin bij het omgekeerde profiel, de pendelaars met een vaste standplaats en een oprit, en gebruik de contracteinddatums als natuurlijke volgorde. U bouwt zo een reeks geslaagde overstappen op vóór u aan de moeilijke gevallen begint.

Stap 3. Herschrijf uw car policy én uw laadbeleid

Dit is de stap die het vaakst wordt overgeslagen. Uw car policy regelt de wagen, maar zonder laadbeleid blijft de belangrijkste kostenpost ongeregeld. Uw laadbeleid moet minstens dit vastleggen: welke laadkosten u ten laste neemt, aan welk tarief u het thuisladen terugbetaalt, en wie eigenaar is van de thuislaadpaal en wat er bij uitdiensttreding mee gebeurt.

Dat laatste punt is geen detail: de wetgeving regelt het niet, de paal zit vast aan de woning van uw medewerker, en zonder contractuele afspraak, bij voorkeur een opstalrecht, haalt u zich een discussie op de hals.

Stap 4. Kies uw laadmix: thuis, op kantoor, onderweg

Bepaal per rijprofiel welk aandeel van de energie thuis, op de site en onderweg wordt geladen. Op de site bepaalt uw netcapaciteit hoeveel punten u tegelijk kunt voeden: met load balancing verdeelt u het beschikbare vermogen dynamisch over de aangesloten wagens, wat bijna altijd goedkoper is dan een verzwaring. Dat is een economische beslissing, geen technische. We komen er verderop op terug, want het is de post waar de meeste marge zit. Een overzicht van de mogelijke opstellingen, en van slim laden op een bedrijfssite, vindt u in onze dossiers daarover.

Stap 5. Reken in TCO, niet in aankoopprijs

De totale kostprijs van een bedrijfswagen bestaat uit zes posten: leasing of afschrijving, verzekering, onderhoud, gewestelijke belastingen, solidariteitsbijdrage en energie. Elektrisch rijden is per kilometer goedkoper, maar niet automatisch: onderhoud en, afhankelijk van het gewest, de verkeersbelasting dalen, terwijl energie een variabele wordt die u zelf stuurt.

Reken twee posten expliciet mee die vaak vergeten worden. De maandelijkse RSZ-solidariteitsbijdrage bedraagt in 2026 € 42,34 per maand voor een elektrische wagen die vanaf 1 juli 2023 werd besteld, dus ruim € 500 per jaar per voertuig. En sinds 1 januari 2026 heeft Vlaanderen zijn vrijstelling van BIV en verkeersbelasting voor emissievrije wagens afgeschaft voor nieuwe inschrijvingen. Wagens die tot en met 31 december 2025 werden ingeschreven, blijven vrijgesteld zolang ze bij dezelfde eigenaar ingeschreven blijven. De actuele Waalse tarieven staan bij SPW Finances, de Vlaamse bij de Vlaamse Belastingdienst.

Stap 6. Begeleid uw bestuurders in de eerste maanden

De eerste twee maanden bepalen het beeld dat uw organisatie van het project overhoudt. Drie ingrepen volstaan meestal: één laadpas per bestuurder die rechtstreeks aan het bedrijf wordt gefactureerd, een korte sessie over laadgedrag, en één aanspreekpunt voor problemen. Wat u wil vermijden, is dat bestuurders zelf voorschieten en onkostennota's indienen. Dat kost hen goodwill en u het zicht op uw energiekost.

Laden is de echte bottleneck, niet de wagen

Alle vergelijkingen tussen modellen samen wegen minder zwaar op uw kost over vijf jaar dan de plaats waar uw wagens laden. Onderstaande tabel rekent met een realistisch verbruik van 17 kWh per 100 kilometer.

Waar uw wagens laden

Prijs per kWh

Kostprijs per 100 km

Thuis, Wallonië (CREG-forfait Q3 2026)

€ 0,3783

€ 6,43

Op uw site, bedrijfstarief

Uw eigen elektriciteitscontract

Vergelijkbaar met thuisladen, plus de afschrijving van uw laadinfrastructuur

Publiek snelladen in België, marktgemiddelde

€ 0,55 tot € 0,75

€ 9,35 tot € 12,75

Publiek laden zonder app of abonnement (tarief Electra België)

vanaf € 0,79

vanaf € 13,43

Diesel ter vergelijking, 6,5 l/100 km

€ 2,2410 per liter

€ 14,57

Bronnen: CREG voor de forfaitaire tarieven van het derde kwartaal 2026, FOD Economie voor de officiële maximumprijs van diesel B7 op 26 augustus 2026 (€ 2,2410 per liter), go-electra.com voor het tarief zonder app, en marktobservatie voor de gemiddelde publieke laadprijs.

Tussen de goedkoopste en de duurste lijn zit een factor twee tot drie. Voor een vloot van twintig wagens die elk 30.000 kilometer per jaar rijden, is dat ruim € 33.000 verschil per jaar tussen uitsluitend thuisladen in Vlaanderen en uitsluitend publiek snelladen aan € 0,65 per kWh, zonder dat er ook maar één kilometer verandert. Geen enkele modelkeuze levert dat op. Hoeveel laden echt kost in België werkten we in detail uit in een apart dossier.

Het loont dus om de laadmix te ontwerpen vóór u de wagens bestelt, want de mix bepaalt welke bestuurders welke wagen kunnen krijgen. En het tarief waaraan uw bestuurders publiek laden, hangt sterker af van het contract achter hun laadpas dan van de paal waar ze staan. Een pas met een onderhandeld B2B-tarief en rechtstreekse facturatie aan het bedrijf is dus geen administratief detail maar een kostenpost die u met één handtekening halveert.

En uw medewerkers zonder eigen oprit?

Niet elke medewerker heeft een oprit of een garage. Wie in een appartement woont of huurt zonder eigen staanplaats, kan thuis niet laden, en de eerlijke boodschap is dat daar geen truc voor bestaat. Wat wel bestaat, is een mix die werkt: laden op de site tijdens de werkdag, aangevuld met publiek snelladen op een vast punt van hun traject.

Het verschil tussen een werkbare en een pijnlijke situatie zit in de laadpas zelf. De laadpas moet werken op de stations rond hun woonplaats en op hun route, en niet alleen op één netwerk. De facturatie moet rechtstreeks naar het bedrijf gaan, zodat uw medewerker nooit iets voorschiet. En het tarief moet een contracttarief zijn, geen publiek paaltarief. Wie dat regelt vóór de bestelling, houdt deze medewerkers in het project. Wie het achteraf regelt, krijgt ze niet meer mee. Meer daarover in ons overzicht van publiek laden in België.

Wat kost het, en welke steun bestaat er in 2026?

Op het vlak van steun is het eerlijke antwoord ontnuchterend, en u leest het zelden zo.

De verhoogde thematische investeringsaftrek (40% voor kleine vennootschappen, 30% voor grote ondernemingen) geldt niet voor gewone laadpalen voor personenwagens. De thematische lijst voor koolstofemissievrij vervoer beperkt de laadinfrastructuur tot waterstofinfrastructuur voor zeeschepen en tot elektrische laadinfrastructuur voor emissievrije vrachtvoertuigen, autobussen en autocars, en schepen. Laadpalen voor uw salariswagens vallen daar dus buiten. Ze komen hoogstens in aanmerking voor de gewone investeringsaftrek van 10%, en die is voorbehouden aan eenmanszaken, vrije beroepen en kleine vennootschappen. Grote ondernemingen hebben er geen recht op.

Voor investeringen tussen 1 januari 2025 en 31 december 2026 geldt bovendien een tolerantie: er is geen verplichte attestatie op het ogenblik van de aangifte, maar u houdt wel een bewijsdossier bij.

Op gewestelijk vlak is het beeld even mager. In Vlaanderen bestaat er geen rechtstreekse premie voor gewone laadpalen voor personenwagens, wel de Ecoboostlening van PMV, een lening van € 15.000 tot € 150.000 aan 3% voor kmo's en zelfstandigen in hoofdberoep. Leefmilieu Brussel stelt uitdrukkelijk dat er momenteel geen premie of subsidie voor de installatie van een laadpaal bestaat, en de projectoproep Electrify.brussels is afgesloten. In Wallonië sluiten de GREEN-steunmaatregelen laadpalen expliciet uit.

Reken dus met eigen middelen, en besteed uw aandacht liever aan de post die u wel controleert. Eén cijfer om dat te illustreren: volgens de aansluittarieven van Fluvius voor 2026 kost het verzwaren van 17,3 naar 22,2 kVA € 401,96, terwijl een zwaardere verzwaring van 22,2 naar 55,4 kVA op € 1.429,70 uitkomt. Een nieuwe middenspanningsaansluiting (1 tot 26 kV) kost € 6.723,73, een aansluiting op het hoogspanningsnet (26 tot 36 kV) € 16.388,35, telkens exclusief btw. Daar bovenop komt een vermogensrecht van € 27,59 per kVA boven 17,3 kVA. Die tarieven gelden voor Vlaanderen: in Brussel en Wallonië hanteren Sibelga, ORES en RESA hun eigen barema's. Netbeheerders publiceren geen standaardtermijnen, en Fluvius geeft zelf aan dat in verzadigde zones een klassieke aansluiting niet onmiddellijk mogelijk is. Dat is precies waarom overdimensioneren op eigen site vaak duurder uitvalt dan een doordachte mix.

De 5 fouten die wagenparkbeheerders het vaakst maken

  • Rekenen in maandhuur in plaats van in TCO. De solidariteitsbijdrage, de gewestelijke belastingen en de energie staan niet in de leasingofferte, en samen vertegenwoordigen ze een aanzienlijk deel van de werkelijke kost.

  • De laadmix pas na de wagens regelen. De mix bepaalt welk profiel welke wagen aankan. Omgekeerd werken kost u een jaar en een deel van uw geloofwaardigheid.

  • Het aantal laadpunten afleiden uit het aantal wagens. Wat telt, is hoeveel voertuigen tegelijk langer dan vier uur op uw site stilstaan, niet hoeveel er in uw vloot zitten.

  • Een leasingcontract verlengen zonder de fiscale gevolgen te kennen. Een verlenging of het lichten van een aankoopoptie doet een nieuwe datum ontstaan, en kan uw gunstig aftrekpercentage wegvagen.

  • De medewerkers zonder eigen oprit vergeten. Dat is geen randgeval maar de belangrijkste bron van weerstand, en de enige die u met een contract kunt oplossen.

Veelgestelde vragen

Hoe begin ik met de elektrificatie van mijn wagenpark?

Begin met een inventaris van kilometers, dagafstanden, standplaatsen en contracteinddatums. Die vier gegevens bepalen welke functies eerst overstappen en welke laadmix u nodig hebt.

Hoeveel laadpunten heeft mijn bedrijf nodig?

Tel hoeveel voertuigen tegelijk langer dan vier uur op uw site stilstaan, niet hoeveel wagens u hebt. Twee bedrijven met veertig wagens kunnen zes of twintig laadpunten nodig hebben.

Moet mijn bedrijf laadpalen installeren op de parking?

Sinds 1 januari 2025, ja, boven bepaalde drempels. Vlaanderen en Wallonië vertrekken van meer dan 20 plaatsen bij bestaande gebouwen, Brussel werkt met percentages. Zie de tabel hierboven.

Zijn elektrische bedrijfswagens verplicht in België?

Neen. Er is geen quotum. De druk is fiscaal: wagens met CO2-uitstoot die vanaf 2026 worden besteld, zijn in de vennootschapsbelasting niet meer aftrekbaar.

Hoeveel kost het om een wagenpark te elektrificeren?

Dat hangt vooral af van uw laadmix. Tussen uitsluitend thuisladen en uitsluitend publiek laden zonder contract zit een factor twee tot drie op uw energiekost per 100 kilometer.

Wat u moet onthouden

2026 is om twee onafhankelijke redenen een kanteljaar. Fiscaal loopt het venster van 100% aftrek af op 31 december, en het is uw bestelbon die telt, niet uw levering: elke bestelling die u vervroegt, vergrendelt dat percentage voor de hele looptijd. Operationeel wordt uw kost bepaald door de laadmix, niet door uw modelkeuze, met een factor twee tot drie tussen het goedkoopste en het duurste kilowattuur.

Voor functies met weinig kilometers is er trouwens een alternatief voor de bedrijfswagen: het mobiliteitsbudget, waarin sinds 2026 enkel nog een BEV in aanmerking komt. Wat u het best vandaag doet: de huidige stand van zaken vastleggen met een inventaris van rijprofielen en contracteinddatums, uw car policy aanvullen met een laadbeleid, en een antwoord klaar hebben voor de medewerkers zonder eigen oprit. Reken niet op subsidies, want die bestaan voor dit type investering nauwelijks nog in België. Reken wel op de post die u volledig zelf in de hand hebt. Bereidt u een ESG- of CSRD-rapportering voor, dan hebt u het verbruik per voertuig hoe dan ook nodig: een reden te meer om uw laadgegevens vanaf dag één per bestuurder te laten rapporteren.

Op het Electra-netwerk laadt uw vloot aan snelle laadpalen die tot 400 kW leveren, met Autocharge: de laadbeurt start automatisch, zonder badge of app. Via één bedrijfsaccount beheert u uw bestuurders en hun toegangsrechten, volgt u de sessies per voertuig en ontvangt u één maandelijkse factuur, zonder eigen installatie. Voor uw bestuurders verlagen twee formules de kostprijs per kilowattuur, en beide geven de Electra laadpas gratis.

Electra+ Essential: € 1,99 per maand zonder verbintenis, € 0,10 korting per kWh op elke laadbeurt op het Electra-netwerk.

Electra+ Smart: € 4,99 per maand zonder verbintenis, € 0,20 korting per kWh op elke laadbeurt op het Electra-netwerk.

Beide formules geven toegang tot een voorkeurtarief van € 0,59 per kWh bij Atlante, Fastned en Ionity. Wie per jaar betaalt, krijgt 16% korting op het abonnement.

Bron: Electra+, geraadpleegd op 26 augustus 2026.

Wilt u nagaan welke snelle laadpalen er op de trajecten van uw vloot liggen? Download de app in de App Store of op Google Play.

Stand van zaken op 26 augustus 2026. De Belgische autofiscaliteit en de gewestelijke regels rond laadinfrastructuur evolueren snel: controleer de actuele bedragen bij FOD Financiën en bij uw gewestelijke administratie.

Anneleen, mobility specialist at Electra

De enige laad-app die je nodig hebt

4.5/5

in de stores

Downloaden
© 2026 Electra. Alle rechten voorbehouden.Wettelijke informatieGebruiksvoorwaardenPrivacy