Elektrische bedrijfswagens 2026: fiscaliteit, kosten en laden
28 aug 2026
:format(webp))
Elektrische bedrijfswagens in 2026: fiscaliteit, kosten en laden
Sinds 1 januari 2026 is de fiscale keuze voor een nieuwe bedrijfswagen in België binair geworden: emissievrij, of niet aftrekbaar. Wat de meeste ondernemers daarbij over het hoofd zien, is dat het niet de leverdatum is die telt, maar de datum van uw bestelbon, en dat er dus nog een venster openstaat tot eind december. In dit dossier zetten we op een rij wat er precies verandert, wat uw medewerker eraan betaalt, wat de gewesten erbovenop heffen, en waarom de post die uw totale kostprijs echt maakt of kraakt zelden in een leasingofferte staat: het laden.
Zijn elektrische bedrijfswagens nog fiscaal aftrekbaar?
Ja. Een volledig elektrische of waterstofwagen die u tot en met 31 december 2026 aankoopt of leaset, blijft 100% aftrekbaar voor de volledige looptijd van het contract.
Wagens met CO2-uitstoot die vanaf 1 januari 2026 worden besteld, zijn in de vennootschapsbelasting niet meer aftrekbaar. Het verkregen percentage blijft behouden voor de volledige gebruiksduur, ook als de wagen later wordt geleverd.
De rest van dit dossier gaat over de uitzonderingen, de valkuilen en de kosten die u daarnaast draagt.
Wat verandert er precies sinds 2026
Wagens met verbrandingsmotor: geen aftrek meer voor nieuwe contracten
Voor benzine- en dieselwagens die vanaf 1 januari 2026 worden aangekocht, geleased of gehuurd, is de aftrek in de vennootschapsbelasting herleid tot nul. Er is geen degressieve uitdoving meer en geen ondergrens: de aftrek valt in één keer weg.
Voor wagens uit de vorige lichting, besteld tussen 1 juli 2023 en 31 december 2025, geldt wel nog een uitdovend stelsel. Let op de formulering die veel artikels fout weergeven: 75%, 50% en 25% zijn plafonds, geen tarieven. Uw werkelijke aftrek blijft het resultaat van de gramformule, met dat plafond erbovenop. Een wagen die volgens de formule op 60% uitkomt, bleef in 2025 dus op 60% en valt in 2026 terug op 50%.
Plug-inhybrides: het einde van de gunstregeling
De regering kondigde in 2025 een versoepeling aan voor plug-inhybrides. Die versoepeling werd uiteindelijk uitsluitend in de personenbelasting ingevoerd, dus voor eenmanszaken en zelfstandigen in eigen naam. In de vennootschapsbelasting verandert er niets: de afbouwregeling van 75% in 2025, 50% in 2026, 25% in 2027 en 0% vanaf 2028 blijft onverkort gelden voor de bestaande lichting, en een PHEV die u vanaf 2026 bestelt, is niet meer aftrekbaar.
Eén punt dat ook vennootschappen raakt: de definitie van de zogenaamde valse hybride. Voor plug-inhybrides waarvan de CO2-uitstoot volgens de norm Euro 6e-bis of later wordt gemeten, is de drempel opgetrokken van 50 naar 75 gram per kilometer, met ingang van 1 januari 2025. Het batterijcriterium van minder dan 0,5 kWh per 100 kilogram voertuiggewicht blijft bestaan. Twijfelt u over uw model, dan is het de moeite om na te gaan of u elektrisch dan wel plug-inhybride rijdt in de fiscale zin van het woord, want die kwalificatie bepaalt uw aftrek.
Elektrisch en waterstof: 100% in 2026, daarna afbouw
Emissievrije wagens hebben hun eigen kalender, gekoppeld aan het jaar van aanschaf. Wie in 2026 bestelt, houdt 100% voor de hele looptijd. Wie een jaar wacht, zit levenslang op 95%. Dat maakt van uw bestelkalender een fiscaal instrument.
Lichte vrachtwagens en bestelwagens: een apart regime
Hier gaan de meeste ondernemers de mist in. De aftrekbeperking geldt voor personenauto's, auto's voor dubbel gebruik en minibussen. Een echte lichte vrachtwagen valt buiten die beperking en blijft 100% aftrekbaar, ook op fossiele brandstof. De hervorming van 2026 raakt hem niet.
Het venijn zit in het woord 'echte'. Een inschrijving als lichte vracht bij de DIV volstaat niet: het zijn de technische kenmerken die tellen, met eigen voorwaarden per carrosserietype, onder meer over de vaste tussenwand en de lengte van de laadruimte. Voldoet uw voertuig daar niet aan, dan wordt het fiscaal geherkwalificeerd als personenwagen, en valt het van 100% naar 0% terug. Laat dat nakijken vóór u bestelt, niet bij de aangifte.
Eenmanszaak of vennootschap? In de personenbelasting wordt de aftrek van een lichte vrachtwagen bovendien pro rata het beroepsgebruik berekend. 100% aftrek betekent daar dus 100% van het beroepsgedeelte, niet van de volledige factuur. Laat dat punt door uw boekhouder nakijken: het verschil tussen een echte en een valse lichte vrachtwagen is het verschil tussen 100% en 0%.
De besteldatum bepaalt uw aftrek, niet de levering
Dit is de belangrijkste zin van het hele dossier, en ze staat letterlijk in de administratieve commentaar: ook bestelde maar nog niet geleverde wagens worden als aangekocht beschouwd, en bij leasing of huur wordt gekeken naar de datum van het contract.
Concreet: bestelt u in november 2026 een elektrische wagen die pas in maart 2028 op de oprit staat, dan blijft die wagen 100% aftrekbaar voor zijn volledige looptijd. Met levertijden die in sommige segmenten oplopen tot achttien maanden, is dat geen theoretisch voordeel maar een reden om uw vervangingsplan naar voren te halen.
Even belangrijk zijn de gebeurtenissen die een nieuwe datum doen ontstaan, en dus uw gunstig percentage kunnen wegvagen:
elke verlenging van een leasing- of huurcontract, tenzij die verlenging en al haar concrete modaliteiten al in het oorspronkelijke contract waren voorzien en u ze eenzijdig kunt activeren;
het lichten van een aankoopoptie, dat als een nieuw contract wordt beschouwd;
de overdracht van wagen en contract aan een andere vennootschap, ook binnen dezelfde groep, via een addendum: dan telt de datum van dat addendum;
een bestelling die u nadien omzet in leasing: dan telt de datum van het leasingcontract, niet die van de bestelbon.
Het toevoegen van een accessoire of het veranderen van onderhoudsgarage doet daarentegen niets met uw datum. Beheert u een vloot, neem deze vier gevallen dan expliciet op in uw contractbeheer, want ze kosten niets om te vermijden en veel om te herstellen.
Tabel: aftrekbaarheid per jaar van bestelling
Jaar van aankoop, leasing of huur | Emissievrije wagen | Wagen met CO2-uitstoot (vennootschapsbelasting) |
1 juli 2023 tot 31 december 2025 | 100% | Gramformule, geplafonneerd op 75% in 2025, 50% in 2026, 25% in 2027, 0% vanaf 2028 |
Tot en met 31 december 2026 | 100% | 0% voor nieuwe contracten vanaf 1 januari 2026 |
2027 | 95% | 0% |
2028 | 90% | 0% |
2029 | 82,5% | 0% |
2030 | 75% | 0% |
Vanaf 2031 | 67,5% | 0% |
Het percentage wordt bepaald door het jaar van aanschaf en blijft behouden voor de volledige gebruiksduur of de duur van het leasingcontract. Bron: circulaires 2021/C/115 en 2024/C/50, FOD Financiën.
Voordeel alle aard: wat betaalt uw medewerker?
Hoe het VAA van een elektrische wagen wordt berekend
De formule is dezelfde als voor een thermische wagen, maar het CO2-percentage valt terug op het wettelijke minimum:
VAA = cataloguswaarde × leeftijdscoëfficiënt × 6/7 × 4%
De cataloguswaarde daalt met 6% per begonnen jaar sinds de eerste inschrijving, met een bodem op 70%. Het CO2-percentage bedraagt 5,5% plus 0,1% per gram boven de referentie-uitstoot, met een minimum van 4% en een maximum van 18%. Voor 2026 bedraagt die referentie-uitstoot 70 gram voor benzine en 58 gram voor diesel. Bij nul gram uitstoot geldt dus altijd de 4%.
Er is één bodem waar u rekening mee moet houden: het jaarlijkse minimum-VAA bedraagt voor inkomstenjaar 2026 € 1.690. Onder een cataloguswaarde van ongeveer € 49.300 komt de formule voor een nieuwe elektrische wagen daaronder uit, en betaalt uw medewerker dus het minimum, ongeveer € 141 per maand aan belastbaar voordeel. De geïndexeerde bedragen voor het inkomstenjaar 2026 worden jaarlijks gepubliceerd door FOD Financiën.
Wat er in het VAA zit (en wat niet)
Dit is het best bewaarde geheim van de elektrische bedrijfswagen. Het VAA van de wagen dekt niet alleen het gebruik van het voertuig, maar ook de elektriciteit die de werkgever levert, de laadinfrastructuur die hij thuis bij de werknemer plaatst, en de terugbetaling van het thuisladen. Er komt geen tweede voordeel bij.
Die terugbetaling is wel aan vier voorwaarden gebonden: de laadpaal wordt door de werkgever ter beschikking gesteld, hij meet het verbruik via een communicatiesysteem dat aan de precisievereisten voldoet die sinds 1 januari 2025 gelden, de terugbetaling staat in de car policy, en enkel de stroom van de bedrijfswagen wordt vergoed. Wordt aan die voorwaarden niet voldaan, dan wordt de terugbetaling gewoon belastbaar loon.
Het terug te betalen bedrag volgt doorgaans het forfait dat de CREG per kwartaal en per gewest publiceert. Voor het derde kwartaal van 2026: € 0,3222 per kWh in Vlaanderen, € 0,3719 in Brussel en € 0,3783 in Wallonië. U past het tarief van het woongewest van de werknemer toe, of het laagste van de drie als u één tarief voor het hele bedrijf wil.
CO2-solidariteitsbijdrage, BIV en verkeersbelasting per gewest
Ook een wagen zonder uitstoot is niet gratis in parafiscale zin. De werkgever betaalt een maandelijkse solidariteitsbijdrage aan de RSZ. Voor een elektrische wagen die vanaf 1 juli 2023 werd besteld of geleased, bedraagt die in 2026 € 42,34 per maand, dus ruim € 500 per jaar. Voor een elektrische wagen van vóór die datum is dat € 33,93. De multiplicator die de bijdrage voor thermische wagens fors optrekt, 4 in 2026 en 5,5 vanaf 2027, speelt bij emissievrije wagens niet: daar geldt telkens de minimumbijdrage.
Op gewestelijk vlak komt het belangrijkste nieuws uit Vlaanderen. De Vlaamse vrijstelling van BIV en verkeersbelasting voor emissievrije wagens is afgeschaft voor voertuigen die vanaf 1 januari 2026 worden ingeschreven. Wagens die tot en met 31 december 2025 werden ingeschreven, blijven vrijgesteld zolang ze bij dezelfde eigenaar blijven.
Gewest | BIV bij eerste inschrijving | Jaarlijkse verkeersbelasting |
Brussel | Geen vrijstelling. Berekening op vermogen en leeftijd, met een verlaagd tarief voor leasingmaatschappijen | Minimumtarief van toepassing |
Wallonië | Geen vrijstelling. Hervormde berekening sinds 1 juli 2025, met een zeer lage energiecoëfficiënt voor elektrische wagens | € 107,18 per jaar, tarief geldig van 1 juli 2026 tot 30 juni 2027 |
Bron: SPW Finances voor Wallonië, geraadpleegd op 26 augustus 2026. De Vlaamse en Brusselse barema's worden elk jaar op 1 juli geïndexeerd: controleer het actuele bedrag bij uw gewestelijke belastingdienst. Het Waalse tarief hierboven komt van *SPW Finances*.
Wat kost een elektrische bedrijfswagen echt?
Een leasingofferte vergelijken op maandhuur alleen is de klassieke rekenfout in fleet management. De totale kostprijs bestaat uit zes posten, en alleen de eerste vijf staan doorgaans in de offerte.
Kostenpost | Orde van grootte per jaar en per wagen |
Verzekering en onderhoud | Lager dan bij een thermische wagen: minder slijtageonderdelen |
Gewestelijke belastingen | € 107,18 in Wallonië, forfaitaire BIV van € 61,50 in Vlaanderen bij inschrijving |
CO2-solidariteitsbijdrage | € 508,08 (€ 42,34 per maand) |
Energie | € 822 tot € 1.658 voor 15.000 km, naargelang waar u laadt |
De zesde post is de enige die u zelf stuurt, en de spreiding erop is groter dan bij brandstof. Vergelijk dus op kost per 100 kilometer, niet op maandhuur. Vergeet daarbij de restwaarde niet: ze is bij een elektrische wagen minder voorspelbaar dan bij een diesel, en ze weegt zwaar op een leasingprijs.
Welke elektrische bedrijfswagens komen in aanmerking?
Fiscaal is het criterium eenvoudig: nul gram CO2 aan de uitlaat, dus een zero-emissievoertuig, volledig elektrisch of op waterstof. Binnen die grens is het aanbod in 2026 breed geworden, van compacte modellen tot bestelwagens, en vrijwel elke autobouwer heeft zijn gamma uitgebreid.
Drie criteria bepalen in de praktijk of een model bij uw vloot past. Het rijbereik moet aansluiten bij het rijprofiel van de functie, niet bij het hoogste cijfer uit de brochure: reken met een reëel verbruik en met winterse omstandigheden. De batterij bepaalt niet alleen dat bereik maar ook de laadsnelheid, en dus hoelang uw bestuurder aan een snellader staat. En de cataloguswaarde bepaalt rechtstreeks het voordeel van alle aard van uw medewerker.
Let daarnaast op de fiscale categorie en op de btw. Een bedrijfsvoertuig dat als echte lichte vrachtwagen gehomologeerd is, volgt een ander regime dan een personenwagen: op een personenwagen is de btw-aftrek beperkt tot 50% en volgt ze het beroepsgebruik, terwijl een echte lichte vrachtwagen tot 100% kan gaan. Offertes worden bovendien vaak excl. btw gepresenteerd, en privéleasing op naam van de werknemer valt helemaal buiten de vennootschapsbelasting. Vergelijk dus altijd op dezelfde basis.
Een rangschikking van modellen publiceren wij niet, want wij verkopen geen wagens. Wat de cijfers hieronder wel tonen: uw modelkeuze scheelt enkele euro's per 100 kilometer, uw laadkeuze het dubbele tot het drievoudige.
Laden: de post die uw TCO maakt of kraakt
Thuis, op kantoor of onderweg: het prijsverschil
Hier ligt het echte verschil, en het is groter dan de prijskloof tussen twee modellen uit hetzelfde segment. Onderstaande tabel rekent met een realistisch verbruik van 17 kWh per 100 kilometer.
Waar u laadt | Prijs per kWh | Kostprijs per 100 km |
Thuis, Wallonië (CREG-forfait Q3 2026) | € 0,3783 | € 6,43 |
Op kantoor, bedrijfstarief | Uw eigen elektriciteitscontract | Vergelijkbaar met thuisladen, plus de afschrijving van de laadpaal |
Publiek snelladen in België, marktgemiddelde | € 0,55 tot € 0,75 | € 9,35 tot € 12,75 |
Publiek laden zonder app of abonnement (tarief Electra België) | vanaf € 0,79 | vanaf € 13,43 |
Diesel ter vergelijking, 6,5 l/100 km | € 2,2410 per liter | € 14,57 |
Bronnen: *CREG* voor de forfaits van het derde kwartaal 2026, FOD Economie voor de officiële maximumprijs van diesel B7 op 26 augustus 2026 (€ 2,2410 per liter), *go-electra.com* voor het tarief zonder app, en marktobservatie voor de gemiddelde publieke laadprijs.
Reken dat door voor een vertegenwoordiger die 35.000 kilometer per jaar rijdt en u ziet het meteen: uitsluitend thuisladen kost ongeveer € 1.917, uitsluitend publiek snelladen aan € 0,65 per kWh ongeveer € 3.868. Bijna € 2.000 verschil per wagen per jaar, voor exact dezelfde kilometers. Bij tien wagens gaat het over de prijs van een extra wagen.
Wat die kloof nog vergroot, is dat de prijs aan eenzelfde laadpaal sterk verschilt naargelang de laadpas waarmee u laadt, door sessiekosten, tijdstoeslagen en roamingmarges. Het loont dus om laadpassen te vergelijken vóór u er tien uitdeelt, en om te weten wat opladen in 2026 echt kost in België.
Wie betaalt wat? Uw laadbeleid in drie regels
Een laadbeleid dat werkt, past op één bladzijde:
Thuis: de werkgever stelt de laadpaal ter beschikking en betaalt het verbruik terug aan het CREG-forfait van het woongewest, met een meetsysteem dat aan de voorwaarden voldoet.
Op kantoor: de werkgever levert de stroom, met toegangsbeheer per bestuurder zodat u weet wie wat laadt.
Onderweg: één laadpas per bestuurder, rechtstreeks gefactureerd aan het bedrijf, aan een onderhandeld tarief. Uw medewerker schiet nooit iets voor.
Die derde regel is niet alleen een kwestie van comfort. Zodra bestuurders zelf betalen en indienen, verliest u het zicht op uw energiekost, en verdwijnt precies de variabele die u had willen sturen. Voor medewerkers zonder eigen oprit is die pas trouwens geen comfort maar een voorwaarde, want voor hen bestaat het goedkope thuistarief niet. Zij laden op publiek toegankelijke laadpalen in België, en dat vraagt een contract, geen improvisatie. Op de site zelf is slim laden de manier om meerdere wagens op eenzelfde aansluiting te bedienen.
Bedrijfswagen of mobiliteitsbudget?
Niet elke functie heeft een wagen nodig. Wie weinig kilometers maakt, kan zijn bedrijfswagen inruilen voor een mobiliteitsbudget: een emissievrije wagen, duurzame mobiliteit en huisvesting, of een saldo in cash. Sinds 1 januari 2026 komt in pijler 1 alleen nog een wagen zonder CO2-uitstoot in aanmerking.
Belangrijk voor uw planning: het budget is vandaag nog altijd vrijwillig. De aangekondigde verplichting is uitgesteld tot ten vroegste 1 januari 2027 voor bedrijven met minstens 50 werknemers, en de wetteksten waren eind augustus 2026 nog niet gepubliceerd.
Veelgestelde vragen
Hoelang blijft een elektrische bedrijfswagen 100% aftrekbaar?
Wagens die tot en met 31 december 2026 worden aangekocht of geleased, blijven 100% aftrekbaar voor hun volledige looptijd. Daarna daalt het percentage naar 95% in 2027 en verder.
Telt de besteldatum of de leverdatum voor de fiscale aftrek?
De besteldatum. Bestelde maar nog niet geleverde wagens gelden als aangekocht. Bij leasing of huur telt de datum van het contract.
Zijn elektrische bestelwagens ook aftrekbaar?
Echte lichte vrachtwagens vallen buiten de aftrekbeperking en blijven 100% aftrekbaar, ongeacht de motorisatie. Voldoet het voertuig niet aan de technische definitie, dan geldt het regime van een personenwagen.
Wat is het voordeel van alle aard van een elektrische bedrijfswagen?
Cataloguswaarde maal leeftijdscoëfficiënt maal 6/7 maal 4%, met een minimum van € 1.690 per jaar in 2026. Onder ongeveer € 49.300 cataloguswaarde geldt dus het minimum.
Wat kost een elektrische bedrijfswagen per maand?
Dat hangt van de formule af, maar reken naast de leasingprijs op € 42,34 solidariteitsbijdrage per maand en op € 68 tot € 138 energie per maand voor 15.000 km per jaar.
Wie betaalt het opladen van een elektrische bedrijfswagen?
Dat bepaalt uw car policy. Meestal betaalt de werkgever het thuisladen terug aan het CREG-forfait en levert hij een laadpas voor onderweg, rechtstreeks gefactureerd aan het bedrijf.
Wat u moet onthouden
In 2026 is de fiscale keuze gemaakt: emissievrij of niet aftrekbaar. Wat u nog in de hand hebt, zijn uw kalender en uw laadbeleid. Bestel vóór eind december en u vergrendelt 100% aftrek voor de volledige looptijd, ook als de wagen pas in 2028 geleverd wordt. Kijk daarna naar de post die in geen enkele leasingofferte staat: tussen thuisladen en publiek laden zonder contract zit een factor twee tot drie. Vergeet ten slotte niet dat Vlaanderen zijn vrijstelling van BIV en verkeersbelasting heeft afgeschaft voor inschrijvingen vanaf 2026, en dat de solidariteitsbijdrage ook voor een elektrische wagen ruim € 500 per jaar bedraagt.
Op het Electra-netwerk laadt uw vloot aan snelle laadpalen die tot 400 kW leveren, met Autocharge: de laadbeurt start automatisch, zonder badge of app. Bedrijven beheren hun bestuurders, hun toegangsrechten en hun sessies via één dashboard, met één maandelijkse factuur en rapportering per voertuig. Voor uw bestuurders verlagen twee formules de kostprijs per kilowattuur, en beide geven de Electra laadpas gratis.
Electra+ Essential: € 1,99 per maand zonder verbintenis, € 0,10 korting per kWh op elke laadbeurt op het Electra-netwerk.
Electra+ Smart: € 4,99 per maand zonder verbintenis, € 0,20 korting per kWh op elke laadbeurt op het Electra-netwerk.
Beide formules geven toegang tot een voorkeurtarief van € 0,59 per kWh bij Atlante, Fastned en Ionity. Wie per jaar betaalt, krijgt 16% korting op het abonnement.
Bron: *Electra+*, geraadpleegd op 26 augustus 2026.
Wilt u weten welke snelle laadpalen er op de trajecten van uw vloot liggen? Download de app in de App Store of op Google Play.
Stand van zaken op 26 augustus 2026. De autofiscaliteit evolueert snel: raadpleeg uw boekhouder voor uw specifieke situatie.
Anneleen, mobility specialist at Electra
De enige laad-app die je nodig hebt
4.5/5
in de stores
)
)
)